Strategie in Kaart gebrachtKaplan en Norton, 2004
Kaplan en Norton zijn met name bekend geworden met de Balanced Scorecard (1996).
De essentie van de Balanced Scorecard is de combinatie van meetbare prestatiefactoren vanuit
verschillende invalshoeken (klant, financieel, processen etc.) waardoor meer houvast ontstond op
de strategie van het bedrijf. Nu, ruim tien jaar later, borduren Kaplan en Norton voort op het
strategieconcept met hun nieuwe boek "Strategie in Kaart gebracht".
Zij introduceren het begrip 'strategiekaart', waarop een viertal organisatieprocessen wordt uitgewerkt:
operationele processen, contact met klanten, innovatie en controle- en sociale processen. Deze vier
processen bepalen tezamen de strategie van het bedrijf. Kaplan en Norton geven aan, hoe deze vier
processen beheerst en gemeten kunnen worden en waarom dit leidt tot waardevermeerdering. Dit vormt een
van de waarden van het boek zelf: het blijft niet hangen in abstracte concepten maar besteedt veel
aandacht aan zowel de logische onderbouwing als in de daadwerkelijke implementatie. Dit gelukkig zonder
te vervallen in de "how to" benadering die helaas veel managementliteratuur kenmerkt. In 'Strategie
in Kaart gebracht' wordt een concrete invulling gegeven aan de Balanced Scorecard. Deze boeken moeten
eigenlijk niet afzonderlijk maar tezamen aangeschaft en gelezen worden.
Piët schetst via vele anekdotes, thema's en actualiteiten de worstelingen en afwegingen die mensen maken.
Genadeloos prikt zij door de maskers heen die de mens en de maatschappij zich opleggen. De stijl is
prikkelend, vaak cynisch en humoristisch tegelijkertijd en zet vaak na tot nadenken. De inhoud zet vaak
aan tot denken, alhoewel de staccato-stijl van schrijven rusteloos werkt en kan irriteren.
Een ander winstpunt van het boek ligt in de geïntegreerde invalshoek die de auteurs hanteren. Niet de
processen sec, maar de integratie en het samenspel van deze vier processen vormen de relatie naar de
strategie van het bedrijf. Pas bij een juiste onderlinge afstemming ontstaat daadwerkelijke meerwaarde.
Een benadering zoals die bijvoorbeeld ook bij Collins en Porras in "Gebouwd voor de Toekomst" (2003)
duidelijk naar voren komt. De definitie van meerwaarde wordt door Kaplan en Norton in verfrissende
eenvoud gesteld: het verschil tussen wat consumenten betalen en wat het de organisatie kost om het
produkt cq. de dienst op de markt te zetten. Dit spreekt met name de praktische ingestelde lezers aan.
Dit wordt versterkt door hoofdstuk 4, waarin verschillende strategieën worden besproken die gelden voor
verschillende situaties. Kaplan en Norton beschrijven de strategie van de lage kosten, van het
productleiderschap, van complete klantoplossingen en van zgn. lock-in strategieën. Elke strategie kent
hierbij zijn eigen mix van de vier genoemde processen.
Een interessante vraag in het boek is, of strategie de cultuur bepaalt of dat cultuur de strategie
bepaalt. Waarschijnlijk het eerste, zo stellen Kaplan en Norton, maar zakken vervolgens door het
gladde ijs door te stellen dat cultuur geen wezenlijke factor is voor een effectieve implementatie van
een strategie. Duidelijk minpunt, alhoewel ze eerlijk stellen dat "nog duidelijk veel werk" op dit
terrein moet worden verricht
De nadruk in het boek ligt op de causaliteitsdiagrammen. Hiermee wordt continu het belang
aangetoond van het laten aansluiten van de vier perspectieven. Ook wordt de theorie ermee verhelderd;
de presentaties en de case studies werken daarmee duidelijk en logisch. Een ander waardevol punt
betreft de voorbeelden die zowel uit de private als uit de publieke sector worden genoemd. Dit vormt een
welkome afwisseling ten opzichte van de managementliteratuur die steeds weer hetzelfde rijtje bedrijven
uit het top-100 lijstje laten zien. De vele voorbeelden uit de praktijk en de heldere, logische
schrijfstijl maken het boek goed en prettig leesbaar en met name bruikbaar. Enthousiast aanbevolen.
Drs. Shahram Fazili
Terug naar boven